You are on Medair Nederland  Medair is also available in your country
Visit Medair Verenigde Staten

Er zit niks anders op dan je over te geven aan het geschommel van de terreinwagen terwijl we de hobbelige bergweg beklimmen. “Jane*, wat vind je hiervan?” vraagt Ali*, een van de chauffeurs. Ik kijk op van mijn camera waarop ik foto’s aan het uitzoeken ben.

Er zit niks anders op dan je over te geven aan het geschommel van de terreinwagen terwijl we de hobbelige bergweg beklimmen. “Jane*, wat vind je hiervan?” vraagt Ali*, een van de chauffeurs. Ik kijk op van mijn camera waarop ik foto’s aan het uitzoeken ben. Als ik naar buiten kijk, kan ik mijn verbazing niet onderdrukken. Mijn blik wordt gevangen door het spectaculaire uitzicht dat zich aan ons ontvouwt. De anderen lachen hoofdschuddend. Ze zijn inmiddels gewend geraakt aan mijn spontane kreten van verwondering. De afgelopen twee dagen zijn we onderweg naar onze veldbases in de Afghaanse Centrale Hooglanden.

Rode rotspartijen rijzen hoog boven ons uit terwijl Ali voorzichtig omlaag rijdt. Ik probeer niet naar de afgrond links van ons te kijken. Mijn medepassagiers vertellen verhalen over hoe ze aan het begin van de winter over zulke bergpassen reden, met aan weerszijden van de weg metershoge sneeuw. In de tweede helft van de winter zijn ze onbegaanbaar, waardoor onze projectgebieden maandenlang onbereikbaar zijn. Ik realiseer me opnieuw hoe afgelegen de gemeenschappen zijn waarin Medair werkt. Plotseling zien we een fantastische rij bergtoppen afsteken tegen de lucht voor ons. De auto remt af en Ahmed*, medewerker voedselzekerheid bij Medair in de Centrale Hooglanden, kijkt me vragend aan: “Je wilt zeker een foto maken?”. Maar ik ben al aan het uitstappen.

Vier uur later komen we op een van onze veldbases aan. Hier verblijven Medair-medewerkers weken achtereen om in de afgelegen gemeenschappen te werken. We worden hartelijk ontvangen door onze collega’s. We drinken chai op zitkussens, naar goed Afghaans gebruik. Onze reis was lang en ging voor een deel langs een droogvallende, kronkelige rivier in het dal van de diepe vallei. “Dit heb ik al lang niet meer gezien, meestal staat de rivier hoog. Dat is niet goed voor de mensen hier,” aldus Ahmed. We zien een smal stroompje zijn weg zoeken door de rivierbedding. In de Centrale Hooglanden is het al geruime tijd droog. Om omdat er afgelopen winter zeer weinig sneeuw is gevallen, kunnen de boeren hun gewassen niet goed irrigeren. Internationale organisaties zoals de VN hebben gevraagd om noodhulp omdat het aantal mensen dat onvoldoende te eten heeft op het niveau van een noodsituatie komt. Bovendien neemt de ondervoeding toe.

Als we onze chai op hebben, gaan we verder bergopwaarts naar een gemeenschap die tijdens de wintermaanden volledig afgesloten is van de buitenwereld. Ook hier krijgen we een warm welkom met chai. Alle vrouwen hier doen mee met het trainingsprogramma voor moestuinen. Ze krijgen hulpmiddelen en kennis om hun eigen groenten te verbouwen. Zo kunnen ze gevarieerd eten, met name tijdens de wintermaanden. De vrouwen komen enthousiast naar ons toe om te laten zien wat ze verbouwd hebben. Achteraan staat Laalah*, een moeder van twee kinderen. Ze kijkt toe terwijl haar vriendinnen met onze groep in gesprek zijn. Vlak naast ons zie ik een veld met rijen kool, de grootste die ik ooit heb gezien. Als ik vraag van wie ze zijn, steekt Laalah haar hand op.

Voordat Medair in het dorp kwam, beschikte ze niet het gereedschap of de kennis om haar eigen groenten te verbouwen. Jarenlang overleefde haar familie de winters op aardappels en brood, net als veel andere families in de regio. Nu staat haar tuin vol met kool, radijs, wortel, tomaten en koriander. Ik ga op mijn hurken zitten om een foto te maken en vraag welke impact de training heeft gehad op haar leven. De hele groep begint te lachen. “Dit project heeft zo veel betekend voor het hele dorp, niet alleen voor Laalah,” zegt Ahmed. “Ze zijn allemaal zo blij dat de training hier is gekomen.” Laalah en haar gezin kunnen de tomaten drogen en de radijs en kool bewaren voor de lange winter. “Er is nu genoeg te eten voor ons en we zijn veel gezonder,” zegt Laalah.

De vrouwen in het dorp hebben ook training gekregen over sanitatie en hygiëne, het voeden van zuigelingen, het bereiden van voedzame maaltijden met hun eigen groenten en het belang van veilig drinkwater. Door deze belangrijke lessen zijn de mensen in het dorp veel minder vaak ziek. Vrouwen uit andere dorpen hebben dat gehoord en komen nu ook naar de voorlichtingsbijeenkomsten van Medair. “We praten heel veel over wat we leren. Zelfs vrouwen uit andere dorpen doen mee omdat ze de veranderingen zien,” vertelt Laalah. Ze neemt me mee naar haar tweede moestuin, die ze begonnen is toen er in de eerste geen ruimte meer was. Ondanks de droogte in de regio, liggen veel van de moestuinen die we tijdens de veldreis zien er uitstekend bij. Ahmed legt uit dat veel mensen ervoor gekozen hebben om vooral hun moestuin goed te onderhouden. Het kostbare water gebruiken ze om in de winter genoeg groenten te hebben. Laalah laat ons zien wat ze allemaal in haar moestuin heeft staan. Ondertussen realiseer ik me hoe moeilijk het zal worden voor de mensen in deze regio die niet meedoen aan dit levensreddende programma.

Na een hobbelige terugrit over de bergpas, zit ik samen met twee Afghaanse collega’s met alweer een kop chai op een muur bij de veldbasis. We kijken naar de zon die ondergaat achter de bergtoppen boven de vallei. Vlak onder ons leert een vader zijn zoon fietsen en we moedigen hem aan. Ik haal diep adem en denk aan het grote verschil tussen de prachtige moestuinen en de droge, braakliggende velden die we onderweg zagen. Met de aanhoudende droogte en de snel invallende strenge winter blijft de voedselonzekerheid toenemen. Het is goed dat Medair daarom twee nieuwe projecten begint. We gaan ver, om de meest getroffen mensen te bereiken. Terwijl ik omlaag kijk naar de brede vallei zonder enige stedelijke bebouwing denk ik: ‘Ja, dit is inderdaad meer dan ver.’


Je kunt ons werk in Afghanistan volgen op Twitter via @Medair_AFG.

* Namen veranderd om veiligheidsredenen.